Vakantie

Ik ben me sinds een magistrale tien maanden aan het verheugen op mijn droomreis naar Amerika.

Van Seattle naar Los Angeles zal ik gereden worden door Tijmen, onderweg doen we steden, natuurparken en andere plaatsen aan waar ik alleen maar van dacht te kunnen dromen.

Vol van voorpret tel ik af in de 50|50 Store, ik ben dolenthousiast en neem de deelnemers mee in de voorbereiding, bedenk me ineens dat ik het-een-of-ander niet weet of geregeld heb en gil dan om advies, draai liedjes die erover gaan en zwijmel zo nu en dan eventjes weg, waar de deelnemers smakelijk om lachen.

Tot ik me vorige week iets realiseerde. Aan de koffie keek ik op en vroeg voor ik wist (dat overkomt me vrij vaak)  “Wat was eigenlijk jullie laatste vakantie?”. Stilte. Schuiven van stoelen. Antwoorden. En dan, voor mij onverwacht, enthousiaste verhalen rollen over tafel door elkaar heen. Patrick bleek prachtige reizen gemaakt te hebben naar Indonesië, een ander had weer een week gefeest in Lloret, weer een ander zocht de rust van de bossen in de Ardennen. Overeenkomstig: voor de één een jaar of acht geleden, of twaalf, voor de ander wel twintig.

Ik schaam me kapot. Hier ben ik nou de dagen aan het aftellen tot ik vertrek, terwijl mijn deelnemers op hun vingers de jaren óptellen hoe lang geleden het is dat zij vertrokken.

Ik tel nog wel af, maar een stukje zachter terwijl ik me realiseer wat een verschrikkelijke bofkont ik ben. En hoe gemotiveerd ik ben om met deze mensen te werken aan herstel van het gewone leven. Het gewone leven mét vakantie.

Want wat nog mooier is dan zelf een kaartje sturen vanaf mijn vakantieadres, is een ansicht ontvangen vanaf het vakantieadres van een voormalig deelnemer.

Ik heb er al één!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *