Zomerkerst

De zon schijnt, de ventilator bromt en ik probeer de deelnemers eraan te herinneren dat ze goed veel moeten drinken. We hebben zonnige muziek aanstaan, lopen in zomerkleding en ik hoor zuchten van warmte om me heen. En toch, vandaag voelt als kerstmis.

In plaats van mooi ingepakte kadootjes onder de boom lagen er vanochtend vuilniszakken vol fantastische, mooie, nieuwe kleding op ons te wachten. De gulle gever wil in deze anoniem blijven, wat het gouden hartje ietsje mooier doet glimmen. Terwijl ik dit typ hoor ik zo nu en dan een kreetje klinken achter me van blijdschap. De één na de andere schat komt tevoorschijn uit die onconventioneel gevormde mat-zwarte schatkisten.

“Ik heb vlinders in mijn buik!” “Hoe komt dit nu weer op ons pad, het is bizar!” “Ooooh kijk nou, is dit Leah’s (de dochter van mijn vriendinnen) maat?” “Jaaa een zeefdruk-schort, eindelijk!”

Jullie zouden eens moeten horen hoe het hier gaat met jullie donaties, kleding die je zelf niet meer draagt, je miskopen, je ‘afdankertjes’. Mensen die zelf zo weinig hebben, die zoveel door hun handen laten gaan met het oog op de ander.

Gisteravond was ik bij ‘the summer of love’, een avond vol muziek waar Leo Blokhuis ons wees op de boosheid van deze tijd, op de liefdevolle naïviteit van 1967. Ik ervaar hier op dagelijkse basis de liefdevolle echtheid van een groep individuen die de keiharde straatwereld op hun duimpje kennen. In dit gekke winkeltje lijken ze soms die ruwe bolster op de drempel achter te laten, hun blanke pit aan de koffietafel te installeren.

We zitten hier chronisch in de zomer van 1967, vol idealen en liefs. Met een vleugje kerstmis.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *